Lunch in Caïro, Moskee van Sultan Hassan en de ‘Grote Bazaar’

 

Het is tijd voor de lunch. Onze chauffeur staat al klaar om Tari en ons op te pikken en naar restaurant “Sea Horse Club” te brengen.

Eer we plaats nemen gaan we een kijkje nemen bij een Egyptische vrouw, die het typische 'platte' brood bakt én verkoopt.

Ik kan je verzekeren, het brood smaakt héél lekker.

Het restaurant ligt aan de oever van de Nijl en we genieten er niet alleen van een typisch Egyptisch etentje maar ook van het mooie uitzicht.

Deze plek heeft Tari goed uitgekozen.

Af en toe vaart er een boot voorbij op de Nijl en we zien opnieuw de feloeka's. Er zijn weinig vrachtboten, het schijnt dat die hier maar mondjesmaat mogen varen vanwege de vervuiling. Voor de Egyptenaren is het Nijlwater drinkwater.

Tari eet samen met ons, we krijgen als entree verschillende potjes met gerechtjes. Ze legt uit wat er allemaal in is en de manier hoe we dit best eten.

En ik zit klaar met balpen en papier om te noteren (hoe kan ik het anders allemaal onthouden?!)

Eén van die gerechtjes ( Baba ghanoug)  bevat: aubergines, sesam en look gemengd en dat eten we met lekker plat brood!  Een ander (chakchouka) bestaat uit een pikant eiergerecht met rode chilipeper.

en bij het 'hoofdgerecht' wordt rijst geserveerd!

Het smaakt echt lekker. En wat een voorrecht is het om samen te lunchen met Tari. We slaan een babbel over alles en nog wat – niet alleen over Egypte maar ook over onze familie, haar kinderen en kleinkind, waar zij woont, haar werk, de gewoontes bij ons in België en hier in Egypte. We kennen elkaar steeds beter en de rest van ons verblijf in Caïro zijn we als drie vrienden op stap.

 

De Moskee en madrasa (school) van Sultan Hassan.

Vanop het grote plein op de Citadel (vanaf de ringmuur) zagen we reeds de moskee van Sultan Hassan.

foto boven: linkse gebouw : Al Hassan moskee  -  rechtse gebouw : Ibn Tulun-moskee

 

De Sultan Hassan moskee staat naast de citadel en stamt uit de tweede helft van de 14de eeuw. De bouw duurde zo'n vijf jaar en dat hoeft niet te verwonderen want het religieuze bouwwerk heeft dan ook fenomenale afmetingen. Zo heeft de moskee een lengte van maar liefst 150 meter.

Tari vertelt over Hassan en zijn moskee, maar we kunnen er vandaag niet binnen. Deze moskee is ouder en groter maar minder mooi dan de vorige die we bezochten, al ligt er wel een fraaie natuurstenen mozaïekvloer.

Foto onder : preekstoel en gebedsnis.

Foto onder : binnenplein

Van de oorspronkelijk twee minaretten is er slechts eentje overeind gebleven. Hassan werd op 13-jarige leeftijd tot sultan benoemd. In de periode van 1361 stortte één van de twee minaretten naar beneden. Dit bleek een slecht voorteken te zijn want kort daarna werd Hassan vermoord in de woestijn. De moskee was nog niet afgewerkt. Zijn lichaam is nooit teruggevonden. Daardoor kon hij dus niet in het mausoleum opgeborgen worden. Hier liggen in plaats van hem, twee van zijn zonen begraven.

De moskee is de eerste en grootste koranschool ter wereld. Er zijn drie verdiepingen waar 300 weeskinderen en leerkrachten van alle leeftijden en alle steden van Egypte, jaren kunnen logeren tot hun studie voltooid is.

 

Aangezien we de moskee niet kunnen bezoeken overleggen we wat we nu wel kunnen doen. Tari stelt voor om naar Koptische Caïro te gaan. Dát was nu net wat ik haar nog wou vragen.

Maar vanaf de citadel maken we eerst nog een intrigerende wandeling maken door drukke bazaarstraten. We komen allerlei kleine winkels en kraampjes tegen. Veel wordt nog met de hand gemaakt, zoals meubels, muziekinstrumenten, potten en pannen. En welk tijdstip van de dag je hier ook bent, druk is het altijd.

links : gedroogd fruit                                                                                                                                            rechts : kruiden en specerijen

Wat een gedoe ... wat een gekte !

Het is één groot mierennest van mensen. De vele winkeltjes moesten bevoorraad worden door deze zelfde straat en dat maakt de chaos alleen nog maar groter.

Het is onvoorstelbaar wat hier allemaal verkocht wordt. Het gaat er op sommige plekken heel heftig aan toe en afdingen is ook een sport. Maar het is zó gevaarlijk als je het kleinste beetje interesse toont in iets. De opdringerige, irritante verkopers laten ons niet los. Ze blijven een heel eind meelopen. De Egyptenaren zijn 'niet' het volk waar ik dol op ben. Ze hangen aan de toeristen als vliegen op siroop – ze lijken zeer vriendelijk maar bedotten je terwijl je ernaar kijkt.

"What are you looking for?" - "Are you looking for anything special?" - "Where do you come from?" - "Belgian? Begica? Belgique?"

Die vragen vuren ze op ons af. Vele stalletjes en winkeltjes liggen vol met betrekkelijk waardeloze prullen, uitsluitend bestemd voor de toeristen. Zoeken wij een kitscherig kameeltje voor in de vensterbank, of een farao‑bloempot? Of misschien een T‑shirt met een sfynx erop? Neen ...

Eén iemand vraagt me zelfs : Hello, can I help you spend your money?

Ik geef de moed snel op om hier iets te kopen. Maar al bij al is het een bijzondere ervaring om mee te maken, toch ben ik blij om de bazaar te verlaten.

Het is er ook snikkend heet.

 

Volgend deel : Koptisch Caïro, oudste deel van de stad