Almería, mooie stad

 

In vorige delen wandelden we in het natuurgebied van de provincie Almería, nu gaan we de hoofdstad van deze provincie bezoeken.

De stadsnaam 'Almería' is afgeleid van het Arabische begrip Al-Mariya ('Spiegel van de Zee').

De kust bij Almería heet de Costa de Almería, is 219 kilometer lang en heeft héél zonnige stranden (gemiddeld de meeste zonuren per jaar van Europa).

De strijd aangaan met andere provinciehoofdsteden als Sevilla, Málaga, Córdoba en Granada, was geen sinecure voor Almería.

De stad lag in een uitermate dor gebied, het was er héél droog. De zee was altijd de enige toegangsweg naar de sterk geïsoleerde stad

Maar door de opkomst van moderne landbouwtechnieken (intensieve fruit-en groententeelt onder plastic zeilen) en de zee van invernaderos (kassen) die de stad omringen, wist Almería het tij te doen keren. De stad is nu nummer één in de Spaanse landbouw.

https://tallsay.com/page/4294997207/de-zuidoostelijke-provincie-almeria

Ook de opmars van het toerisme dankzij het buitengewone klimaat en vooral door de trekpleister Parque Natural Cabo de Gata-Níjar, heeft duidelijk bijgedragen tot de bloei van de regio én de hoofdstad. Door deze ontwikkelingen heeft Almería zijn zelfvertrouwen teruggekregen en gaat het nu uit van zijn eigen kracht in plaats van te kijken naar wat het mist ten opzichte van de andere steden. Almería is een aangename stad met een paar indrukwekkende bezienswaardigheden.

Er is een vliegveld en een (auto)circuit, verder heeft de stad een treinstation. Vanuit de haven van Almería kan men de oversteek naar Noord-Afrika maken.

 

Kort stukje geschiedenis

Almería werd in de 9de eeuw gesticht door Abd al-Rahman II. Een eeuw later liet Abd al-Rahman III de Alcazaba (het fort) en de stadsmuren optrekken. Dit was de gouden eeuw, de stad bezat een van de belangrijkste havens van het kalifaat van Córdoba. In 1489 kwam hieraan een einde, toen de katholieke Spanjaarden onder Ferdinand en Isabella de stad veroverden op de moren. Almería ging bergafwaarts, maar werd helemaal verwoest door een aardbeving in 1522.

De sombere periode duurde tot in de 19de eeuw. Daarna leefde de stad weer op door mijnbouw en een nieuwe haven. Doch de eerste Wereldoorlog bracht de mijnbouw en bijgevolg de hele stad een zware klap toe: de meeste mijnbouwbedrijven waren in buitenlandse  handen en trokken zich terug uit de regio. Almería wist ook die crisis te overwinnen en haalt nu zijn voornaamste inkomsten uit de bloeiende toeristenindustrie en de landbouw.

De stad Almería telde jarenlang niet mee, maar is nu in opkomst en heeft een mooie kathedraal en Moors fort, het Alcazaba.

 

Kathedraal

Oorspronkelijk stond op deze plaats een moskee.

Later werd die veranderd in een christelijk bedehuis, maar dat werd in 1522 door een aardbeving verwoest.

Rond 1524 werd begonnen aan de werkzaamheden van het huidige gebouw. De eerder ongewone kathedraal lijkt meer op een burcht dan op een kerk.

Vroeger plunderden de Berberse piraten vanuit Noord-Afrika, Almería regelmatig. Daarom ziet de kathedraal er eerder uit als een fort dan als een godshuis, met zijn vier torens, dikke muren en kleine raampjes. De frequente aanvallen verklaren de gekanteelde torens en de zware muren met enorme steunberen.

Aan de zijkant waar de hoofdingang zit, verrijst een grote 17de eeuwse toren met klokken, die uitloopt in een kleine klokkengevel.

Juan de Orea ontwierp de renaissancegevel en de prachtig bewerkte walnoten koorstoelen.

 

Niet ver van de kathedraal ligt Plaza Vieja, ook Plaza de la Constitución genoemd.

Het is een gezellig plein met arcaden. Onder de Arabische overheersing lag hier al een plein met regeringsgebouwen en bazaars, maar de huidige inrichting gaat terug tot de 19de eeuw. De zuil in het midden, de ‘pingurucho de los coloraos’ is opgericht ter ere van de vrijheidsstrijders,  die in 1824 sneuvelden in hun gevecht tegen de oude koning Fernando de Zevende.

Aan een kant van het plein staat het stadhuis, een neogotisch gebouw met een roze gevel uit 1899.

Wij hebben pech, het plein wordt gerestaureerd en foto's nemen is bijna niet mogelijk? Van een aantal gebouwen staat alleen nog de oude gevel overeind. Het eindresultaat belooft mooi te worden.

De oude stad is een wirwar van straatjes met gezellige cafés, bodega's, oude wijnwinkels en mooie pleinen. Het nieuwere gedeelte van de stad, de 'Ramblas' is ook leuk om te bezoeken. Het loopt door tot aan de haven waar 's ochtends de vissersboten na hun vangst binnenkomen.

Enkele beelden van de stad

Het theater

 

We wandelen verder naar een indrukwekkend  Moorse vesting, het Alcazaba

 

Volgend deel : Het Alcazaba, de trots van Almería